Upmann Magnum 46 Tube Bekijk groter

Upmann Magnum 46 Tube

Deze longfiller sigaar van Upmann is geproduceerd in Cuba. Het model van deze sigaar is een corona gorda, met een lengte van 14.3 cm en een diameter van 18.3 mm. Het binnengoed van deze sigaar komt uit Cuba. Het omblad en dekblad komen ook uit Cuba. Het tabak van deze sigaar komt uit de regio Vuelta Abajo. De sigaar heeft een sterkte van 2 op een schaal van 1-5. Deze sigaar is los verkrijgbaar. Deze sigaar heeft een rooktijd van 60-70 minuten.

€ 12,80

Herkomst
Cuba ligt in het Caribische gebied en is wereldberoemd vanwege haar tabak en sigaren. Nog voordat Columbus Cuba ontdekte in 1492 werd er hier al tabak verbouwd door de lokale indianenstam. De lokale indianen noemden de opgerolde tabak Cohiba. Cuba is een arm land en sinds het embargo van de VS in 1962 heeft het zich nauwelijks kunnen ontwikkelen. 

De meeste tabaksplantages worden hier nog steeds volledig handmatig onderhouden. Geen tractors met dieselmotoren maar ossen die de ploegen trekken. Alles gebeurt hier nog met de hand. Tegenwoordig worden er jaarlijks 180 miljoen sigaren geproduceerd, waarvan 90 miljoen handgemaakte sigaren worden geëxporteerd naar het buitenland. Dit is 70% van de totale handelsproductie.

De bodemgesteldheid, het vochtige tropisch klimaat en de eeuwenoude ervaring hebben een goede invloed op de kwaliteit van de tabak. De bodem is van rode, zanderige klei, vol met mineralen. Door de tropische hitte ligt er vaak een nevel over de velden waar de tabak groeit. Een natuurlijk schaduw dek. Er zijn meerdere regio’s in Cuba waar de tabak groeit. 

Regio
Het beroemde gebied Vuelta Abajo in de provincie Pinar Del Rio, ligt in het westen van Cuba. Het ligt tussen bergen en de kust en is de grootste provincie van dit land. Dit gebied is weelderig, groen en heuvelachtig en lijkt daarmee op Zuidoost-Azië.

De tabak wordt verbouwd op kleine akkertjes, vaak particulier bezit, hoewel de tabak voor een vaste prijs aan de overheid wordt verkocht. De akkers geven het landschap het beeld van een lappendeken. Overal zijn kleine boerderijen en die kenmerkende droogschuurtjes te zien. Het merendeel van de grond in dit gebied wordt gebruikt voor de teelt van dekblad, het overige voor binnengoed en omblad. 

Midden op het eiland ten noorden van Trinidad ligt het grote tabaksgebied Remedios, het oudste tabaksgebied van Cuba. Uit dit gebied komt ook het binnengoed dat Sigarenfabriek de Olifant in haar melange gebruikt. Dan liggen er nog twee tabaksgebieden vlak bij Vuelta Abajo namelijk Semi Vuelta en Partido. En in het Zuidoosten ligt nog Oriente, een kleiner gebied ten noorden van Santiago de Cuba. In dit gebied wordt voornamelijk tabak voor de sigaretten productie verbouwd.

Omdat er geen export is van Cubaans dek- of omblad zijn er meerdere landen in de wereld die tabak verbouwen met het originele Cubaanse zaad. Vooral in de Dominicaanse Republiek, Nicaragua en Honduras. Maar toch hebben deze tabakken andere eigenschappen en karakteristieken dan de op Cuba verbouwde tabak. Dit komt vooral door het klimaat en de bodemgesteldheid.

Oogst en bewerking
De tabak wordt eerst gezaaid op de zaadbedden. Zodra de eerste knoppen verschijnen, worden deze direct verwijderd. Op deze manier gaan alle voedingsstoffen naar de bladeren in plaats van naar de bloemen. Na enkele maanden kunnen de eerste bladeren al geoogst worden. De bladeren worden vanaf de onderkant naar de bovenkant geplukt, zodat de bovenste bladeren nog wat langer kunnen door rijpen. Ze worden opgeslagen in grote schuren waar ze in grote stapels klaar liggen voor de fermentatie. De temperatuur wordt verhoogd en de bladeren worden regelmatig omgeschept voor een gelijkmatige fermentatie. De bladeren verkleuren tijdens dit proces van groen naar bruin. Dit proces kan wel twee maanden duren. Na afloop worden de bladeren gesorteerd op grootte en kleur.

Herman en August Hupmann waren Duitse bankiers zonen wiens voorliefde voor de Habano’s in 1840 in Havana begon te groeien.
In 1844 startten ze een bank.
De broers lieten sigaren maken als relatie geschenken voor de klanten van de bank. Die bleken zo een succes. Niet lang daarna hebben de broers samen Habano sigaren fabriek opgericht: H. Upmann.

In 1922 gingen zowel de bank als de sigarenfabriek failliet. Het merk kwam in handen de Engelse firma J. Frankau & Co. Het merk zakte weg in bekendheid.
Pas in 1937 toen het merk in handen kwam van de familie Menendez kreeg het geleidelijk haar roem weer terug.

In 1961 is de familie Menendez vertrokken uit Cuba. Toen is het merk in handen gekomen van het staatsbedrijf Cubatabaco. Tot op heden is het nog steeds een populair Cubaans merk.
Het merk wordt beschouwd als voorbeeld binnen de meest verfijnde Habano’s met een halfvolle smaak. De melange van het merk wordt gemaakt met binnengoed- dek en ombladeren afkomstig van Vuelta Abajo.

De gouden medailles die het kistje versieren, verkreeg het merk op niet minder dan elf internationale festivals in de 19e eeuw, en vormen een kenmerkend element van dit merk.