In deze blog schrijf ik over boerenbrasiel dekblad, brasiel binnengoed en over Mata Fina. Wij zijn er regelmatig geweest, zie ook de foto’s. Veel van de reisverslagen zijn in deze blog verwerkt. Aart, een van onze medewerkers, heeft er zelfs gewerkt en gewoond. Hij kent dit gebied en deze tabak door en door. Aart heeft veel bijgedragen aan deze blog.

Aandacht voor Braziliaanse tabak en dekblad
Wij hebben altijd extra aandacht voor het dekblad van de sigaar. Vroeger stond naast het Sumatra dekblad ook het Braziliaans dekblad als topkwaliteit vermeld. In 2002 hebben wij om deze historie te laten herleven een aantal tabaksboeren in het Braziliaanse district gevraagd om het traditionele boerenbrasiel dekblad weer te gaan produceren. Deze productie vindt nu op zeer kleine schaal plaats. Soms lukt het ons om een mooie baal boerenbrasiel tabak uit het district Mata Fina te kopen om daarmee een kleine serie sigaren te produceren. Met succes zijn al de Panatella, Corona, de Matelieff en het Knakje in opeenvolgende jaren geïntroduceerd met het dekblad uit Brazilië.

Boerenbrasiel dekblad uit Mata Fina
Het Braziliaanse dekblad dat wij gebruiken, wordt gesorteerd uit Braziliaans binnengoed. Dit dekblad heeft een ander karakter dan plantage dekblad wat in eigen beheer van exporteurs wordt gegroeid met als doel zoveel mogelijk dekblad van een plant te oogsten. Dit plantage dekblad mist meestal de bijzondere smaakeigenschappen van de boerentabak. Voorheen werd boerenbrasiel dekblad meer als omblad gebruikt, omdat het als dekker een zeer ruw voorkomen heeft, maar de laatste jaren wint het als dekblad weer meer populariteit. Uit het binnengoed kan in goede oogstjaren ongeveer 1% tabak gevonden worden die groot genoeg is om als dekblad te gebruiken. Deze hele bladen, zijn kastanjebruin van kleur. Vele zullen denken dat vanwege de kleur de sigaar zwaar zal zijn, maar eigenlijk is het tegendeel waar. Deze sigaren zijn eerder zeer aangenaam om te roken. Connaisseurs ervaren deze sigaren als een prachtig dessert: vol, rond, met een natuurlijk zoet, goed in balans met een lichte toon van chocola.

Brazilië en haar tabakscultuur
Brazilië heeft een eeuwenoude tabakscultuur. De oorspronkelijke bevolking, de Indianen, plantten al honderden jaren geleden de eerste tabak aan. Deze tabak werd gekauwd en gesnoven. Midden 18de eeuw is deze oorspronkelijke tabak gekruist met Maryland tabak. Deze hybride wordt nog steeds gebruikt voor de hedendaagse Bahia Braziliaanse tabak. Op dit moment is Brazilië nog steeds een klassiek tabaksland. Het groen in de Braziliaanse vlag moet het groen van tabaksvelden voorstellen. Zelfs op originele kleding van het leger staat een bloeiende tabaksplant. In het zuiden groeit vooral tabak voor sigaretten en in het noordoosten van Brazilië, in de deelstaat Bahia, vindt men sigarentabak vanwege het gunstige klimaat en de goede bodemgesteldheid. Er zijn in Bahia drie regio's te onderscheiden: Mata Fina, Mata Norte en Mata Sul en 500 kilometer noordelijk wordt rond de stad Arapiraca ook sigarentabak verbouwd. Braziliaans binnengoed uit de staat Bahia wordt door vrijwel alle Europese sigarenfabrikanten gebruikt, maar ook door producenten uit Midden-Amerika en de Dominicaanse Republiek. Een klassieke producent uit Brazilië die uitsluitend Braziliaanse tabak uit deze regio gebruikt is Alonso Menendez, binnenkort zullen wij ook sigaren van deze producent op de website van De Eenhoorn aanbieden.

Mata Fina in Bahia 
De meest smaakvolle tabak komt uit Mata Fina: de grootste regio van Bahia. Wij kopen al onze Braziliaanse tabak in deze regio die zich ongeveer 150 kilometer ten oosten van de prachtige havenplaats Salvador bevindt. In dit gebied bevinden zich duizenden kleine boeren met 0.5 à 2 hectare grond die een gedeelte hiervan beplanten met tabak. Het is vrij barre grond die goed geschikt is voor de groei van tabak. De wortels van de tabaksplanten moeten echt hard werken om water te vinden: om 3 kilo tabak van 1 plant te krijgen is er 900 liter water nodig.
In Mata Fina zijn 2 verschillende districten: Het eerste district is Cruz das Almas met de steden Cruz das Almas, São Felipe, Cabaceiras, Mombaça en Governador Mangabeira. Uit dit district komt smaakvolle, zoet krachtige en zeer aromatische tabak vandaan. De uiterlijke kenmerken van de tabak zijn over het algemeen rond en breed. De tabak is diepbruin na de fermentatie.Het tweede district in Mata Fina is Almeida met de steden Conceição do Almeida, Sapé, Comércio, Fazenda, Dom Macedo Costa en Tabuleiro. De tabak uit dit district is iets meer delicaat. Ze heeft fijnere en goudkleuriger nerven dan de Cruz das Almas en de kleur van de tabak is iets lichter bruin. Een belangrijk kenmerk van goede Braziliaanse tabak uit deze regio is de goede brandkwaliteit. Wij kopen ons binnengoed uit beide districten. Ze heeft verschillende oogstjaren op voorraad die samen de basis vormen van het aandeel Braziliaanse melange.

De groei en het productieproces in Mata Fina van Braziliaans binnengoed en dekblad
In het veld:

Van maart tot juni worden de velden klaar gemaakt: vrij maken van stenen, ploegen en bemesten. Ondertussen heeft men de zaadjes op zaadbedden geplant. Deze zaadbedden zijn beschermd tegen de zon en de kleine plantjes worden goed verzorgd, zodat ze sterk genoeg zijn om in het veld uitgezet te worden. Vanaf eind april tot half augustus –vaak is dit het regenseizoen - worden de zaailingen in het veld uitgezet. De boeren spreiden dit uit over deze periode, omdat nooit alle tabak tegelijk geoogst kan worden. Er zijn dan niet genoeg schuren om de tabak te drogen. Verder zorgt het natuurlijk voor een risicospreiding wat het weer betreft.

Het drogen van de tabak:
Van juni tot eind november worden de tabaksplanten geoogst en gedroogd bij de boer. In Mata Fina wordt de hele plant geoogst, de bladeren zitten dan nog vast aan de steel. De hele plant wordt te drogen gehangen onder de veranda van de boer voor ongeveer 30 dagen. De Braziliaanse tabak is daarom “Dark Air Cured”. Ze droogt door de  luchtstroom op de veranda. Dit droogproces geeft een bijzondere interactie tussen de drogende blaadjes en de grote steel van de plant. Gedurende dit unieke droogproces wordt er al wat van die mooie bruine kleur ontwikkeld en als de bladeren helemaal van groen naar bruin zijn verkleurd is de tabak genoeg gedroogd.

De opkoop:
Als de tabak is gedroogd wordt ze in een boerenbaal verpakt en aangeboden aan de exporteur. Deze opkoop van boerenbalen door exporteurs speelt van oktober tot eind februari. Als de boer het goed doet verkoopt ze haar tabak aan de exporteur die haar heeft voorgefinancierd door de boer de goede zaden, mest en pesticiden te geven. In dit gebied blijft echter ook het eeuwige gevecht dat boeren hun tabak ook wel verkopen aan andere exporteurs die meer willen betalen, maar niet geïnvesteerd hebben in de zaden en andere benodigdheden. Bij de exporteur wordt de tabak verzameld en gesorteerd en gefermenteerd.

Fermentatie:
Na de opkoop volgt van oktober tot eind juni , juli het jaar erop het belangrijke fermentatieproces. Er worden grote stapels gebouwd van de tabak die moet worden gefermenteerd. De stapels hebben een afmeting van 3 bij 5 meter en wegen 12-18 ton. Door het vocht en de druk ontstaat er een gecontroleerde broei. Binnen in de stapel loopt de temperatuur op. Het verloop van de temperatuur wordt telkens gemeten door een thermometer die in de stapel zit. Als de temperatuur 55 graden wordt dan wordt de stapel afgebroken en daarna weer opgebouwd, maar dan met de bladeren die in de 1e stapel binnenin lagen nu aan de buitenkant en andersom. Het fermentatieproces neemt ongeveer 8 maanden in beslag. Als de fermentatie goed wordt begeleid dan kan de tabak zich optimaal ontwikkelen door de juiste temperatuur, vochtigheid en interactie van de enzymen. Uiteindelijk levert het fermentatieproces een mooie diepbruine tabak op met een licht zoete toets. In het aroma vindt men tonen van chocolade, vers brood of rijpe appels. Goed Braziliaans binnengoed kan een sigaar karakter en pittigheid geven.

Het verpakken van de tabak en de inkoop van fabrikanten:
In het voorjaar geven wij bij de verschillende exporteurs aan dat ze tabak wil kopen. In de herfst of in het vroege voorjaar komen de exporteurs vaak naar Nederland toe en maken een rondje langs de Europese sigarenfabrikanten. De kwaliteit en de hoeveelheden worden dan meer in detail besproken. Eens in de 2-3 jaar gaat het inkoopteam naar Bahia toe om de kwaliteit van de oogst te beoordelen. Dit bezoek is meestal in april of mei, als de tabak bijna is uit gefermenteerd. Tijdens de reis wordt er vaak ter plekke een keuze gemaakt welke tabak interessant kan zijn. De tabakken die het beste smaken daarvan worden monsters naar ons gestuurd als deze geheel zijn uit gefermenteerd. In de jaren die we niet reizen worden ook monster tabakken toegestuurd. Wij willen uitsluitend FL1 of FL2 tabak kopen: een partij tabak die volledig is ontdaan van alle onrijpe, slecht gefermenteerde of slecht ontwikkelde bladeren. De dames aan de picking belt zijn hier verantwoordelijk voor. Meerdere dames sorteren aan de lopende band de slechte tabakken uit. De tabak die overblijft, is een schone, egale partij tabak die constant van smaak is. De monster tabak ontvangen we dan meestal rond juni. Het rookpanel beoordeelt deze tabak en dan volgt de onderhandeling en koop. Wij betalen wel vaak de hoofdprijs voor een “special packing”, maar dat is het merk aan haar kwaliteit verplicht , bovendien houdt een goede prijs de tabakscultuur in stand. In december wordt de tabak verscheept van Salvador naar Rotterdam. Meestal komt de tabak daar in januari aan. Als we dit jaar -2015- kopen dan komt er in januari 2016 tabak binnen die al in maart tot en met juni 2014 als zaadje gegroeid is. Hieruit blijkt dat het een enorm arbeidsintensief proces is.

Share this post