Een reisverslag van Binet Brasser

Maandag 30 april

Vandaag ben ik van Buenos Aires naar Salvador de Bahia gevlogen. Ik was al in Buenos Aires, vanwege het bezoek aan onze jongste dochter, die daar haar Spaans aan het verbeteren was. Daarom was het logisch dat ik dit jaar naar Brazilië zou gaan en Aart naar Indonesië. Ook Aart heeft een verslag geschreven van zijn reis, deze zal nog volgen op onze website. 

Dinsdag 1 mei

Vanwege de dag van de arbeid, moest ik 2 dagen wachten voor we naar het binnenland zouden vertrekken. Ik zat in een fijn hotel in Salvador. In de tuin liepen grote leguanen, die bij het hotel hoorden. 

Woensdag 2 mei

Vandaag heb ik samen met Joop, onze makelaar in de tabak, de twee enige overgebleven exporteurs in Bahia bezocht: Fumex en Ermor. Samen verkopen ze ongeveer 15.000 balen Braziliaans binnengoed. Bij Fumex werden we ontvangen door Markus Dietrich. Hij heeft ons zijn hele operatie laten zien. We hebben een FL-1 en FL-2 uit Almeida en Cruz ingezien en geproefd. De balen staan opgesteld in de deur van de sorteerschuur. Zo hebben we genoeg licht om de balen te inspecteren. Zodra de baal wordt geopend steek ik mijn hoofd erin en ruik: een heerlijke zoete, chocolade-achtige geur. We bekijken of de blaadjes uniform zijn in kleur, textuur en grootte. Vervolgens steken we een paar blaadjes aan om te kijken of de geur en brand goed zijn. Als de tabak goed is wordt de geur zacht en aromatisch. Daarna maakt een speciale dame een longfiller van het pure binnengoed. Het binnengoed heeft potentie. De fermentatie is nog niet klaar, ongeveer tussen de 70-80 procent. We hebben alle tabak aangevraagd om nogmaals te proeven in Kampen. Dit zal ongeveer half juni worden.

Na een fijne lunch zijn we weer naar de schuur gegaan om het dekblad te proeven. Fumex doet al jaren geen selectie meer van dekblad uit het binnengoed. Ze vinden dat te bewerkelijk en de opbrengst te laag. Ze hebben wel plantages speciaal voor dekblad, met een Bahia zaadlijn. Ze plukken de bladeren per twee. De onderste twee blaadjes zijn het zandblad, hier meestal van mindere kwaliteit. Doordat ze dicht bij de grond zijn, komt er ongedierte en schimmels in het blad. Een week later worden de twee bladeren hierboven geplukt, 2epluk. Zo gaan ze wekelijks een verdieping hoger. Hoe hoger ze komen des te dikker, kleiner en uiteindelijk donkerder de bladeren worden. Ze zullen een monsterdekblad sturen van de 2e, 3een 4epluk van de oogst.

‘s Avonds slapen we in de guesthouse van Fumex, in Muritiba, met prachtig uitzicht op de grote dam. Rondom het huis springen kleine aapjes rond. Attila Bernath schoof aan bij het diner. Hij is nu 76 jaar oud en heeft van 1963 tot afgelopen maand gewerkt bij Fumex. Hij was altijd de man waar wij mee te maken hadden. Na 25 jaar heeft Markus het stokje overgenomen. Attila heeft ons verteld hoe het vroeger was. De productie is gekelderd van 550.000 balen naar 15.000 balen en er zijn nog maar 2 bedrijven over van de 37 destijds. In 1963 kon hij enkel met Europa communiceren met brieven, er was nog geen telefoon. Hij vertelde ook dat de tabak uit Brazilië vaak 3 jaar oud was voordat ze werd gebruikt in de productie. Bijna alle fabrikanten lieten toen de tabak minstens nog een jaar lang na-fermenteren in de pakhuizen in Salvador. Nu komt alles eigenlijk te snel naar Nederland. De fabrikanten willen kleine voorraden, wat niet goed zou zijn voor de tabak. Tabak heeft tijd nodig om echt tot kwaliteit te komen.

Donderdag 3 mei

Een bezoek aan Ermor. We zijn ontvangen door Matthias Bialkowski, een man die al 18 jaar bij Ermor werkt. Hij komt uit Polen en is opgegroeid in Duitsland. Matthias is een echte kwaliteitsman en probeert alles zoveel mogelijk bij het oude te laten, veel handwerk. Ik was onder de indruk van zijn bedrijf.

Bij Ermor zoeken ze wel het dekblad uit het binnengoed. Dit is smaakvoller en vaak zoeter dan plantage dek. Afgelopen jaar hadden ze maar 1 baaltje voor ons. Maar dit jaar worden het er mogelijk meer. De oogst is goed en groter dan de oogst uit 2016. Ermor heeft naast de opkoop en het verpakken van boeren Brasil ook een dekbladoperatie. Ze groeien op hun eigen plantages voornamelijk Connecticut zaad, maar dit dek is niet wat wij zoeken.

In een van de mooiste monster-proefruimtes van Bahia hebben we vier soorten binnengoed geproefd, FL1-FL2 uit Cruz das Almas en FL-1-FL-2 uit Almeida. Beide Fl-1 waren zuiver en smaakvol met een goed aroma. De Cruz had een meer uitgesproken karakter. Het echte boeren Brasil dek laat nog even op zich wachten. Eerst moet het binnengoed klaar en gesorteerd zijn. Ik hoop dat we mooie tabak krijgen half juni om te proeven. In ieder geval was het veel belovend.

Algemene informatie

Beide bedrijven kopen tabak van kleine boeren uit twee gebieden in Mata Fina, Almeida en Cruz das Almas. Mata Fina ligt ten westen van Salvador. De grond in dit gebied is vrij licht met een leem-zanderige structuur. Het klimaat is optimaal om tabak te groeien. Er valt genoeg regen en de temperatuur is goed.

De tabak wordt gezaaid in mei en uitgeplant in het veld in juni. Vanaf eind augustus wordt de gehele stengel afgesneden en te drogen gehangen op een kleine veranda of in een droogschuurtje bij de boer zelf. Als het genoeg regent, geeft de plant een tweede spruit, die er ongeveer 20 dagen over doet om op te groeien tot een volwassen scheut. Ze heeft meestal wel minder bladeren dan de eerste stengel. Zo kan de boer soms wel 3 tot 8 keer oogsten. De kwaliteit van de tabak van deze verschillende snitten is vooral afhankelijk van de weerscondities. Als het weer erg droog is bij de groei van de 1estengel kan de kwaliteit van de tweede stengel beter zijn. Bij genoeg regen kan de boer nog tot laat in het najaar tabak aanbieden bij de exporteur. 

De boer haalt de blaadjes van de stengel als ze droog zijn en bundelt die per 20. Hij legt ze op een stapel, een soort eerste fermentatie, tot hij genoeg tabak heeft verzameld. Dan biedt hij de tabak aan bij de exporteur die hem geholpen heeft met het voorfinancieren van de mest en bestrijdingsmiddelen. Dit gebeurd op het moment dat de boer geld nodig heeft, meestal twee tot drie maanden later. Hiervoor naait de boer de bundels blad in een jute zak. Deze baaltjes van ongeveer 60 kilo blijven vaak nog eens 2 tot 3 maanden liggen; baal fermentatie. Als de exporteur er klaar voor is worden de balen geopend en de bundels uit elkaar gehaald. (foto proefsetting-2018-fumex-3)

Alle tabak krijgt eerst een voorselectie. Dit wordt meestal door vrouwen gedaan aan de lopende band. Ze maken dan een ruwe selectie op kleur, lengte en bruikbaarheid. Bij de voorselectie worden de grotere bladeren geselecteerd voor frogstrips (binnengoed voor premium longfillers) en heel misschien zelfs dekblad. De bladeren moeten groot en gaaf genoeg zijn om voor dek in aanmerking te komen. Dit is maximaal 1% uit een hele oogst. Daarom verkopen zo weinig boeren Brasil dekblad. Bij de frogstrips is de omvang van het blad belangrijk. (foto picking belt)

Na de voorselectie wordt de tabak licht aangevocht en op fermentatiestapels gelegd van 2 tot 4 meter hoog. Door de druk en vocht ontstaat er een gecontroleerde broei van maximaal 55 graden. Zodra deze temperatuur wordt bereikt, wordt de stapel omgepakt. De blaadjes die binnen in de stapel lagen worden nu aan de buitenkant gestapeld en andersom. Dit gebeurt 4 tot 5 keer. Na 5-8 maanden fermenteren is de tabak klaar voor de gedetailleerde selectie. Dan worden de bladeren voor het binnengoed geselecteerd op rijpheid, kleur en textuur. Dit levert een FL1, het meest rijpe, schone, grotere blad. FL2 zijn vaak kleinere blaadjes die ook iets grauwer en papierachtig kunnen zijn. (foto fermentatiestapel)

Daarna wordt de tabak, per 70 kilo, verpakt in paklinnen. De duur van de fermentatie hangt af van de kleur en textuur van de tabak. Als de tabak vrij geel is, moet ze langer fermenteren. Dikker blad heeft ook meer tijd nodig. Ook zijn de weersomstandigheden van invloed.

Het resultaat is een goed brandbare tabak die een geheel eigen karakter heeft. De blaadjes zijn over het algemeen klein en donker met een robuuste structuur. 

Share this post